Op een boogscheut van het Koninklijk Paleis van Laken, nabij de Japanse Toren en aan de achterkant van het Chinees Paviljoen bevindt zich een derde klein gebouw dat er oosters uitziet: het “Koetshuis”. Sinds 22 maart 2006 kan het publiek er het Museum voor Japanse Kunst ontdekken.
Oorspronkelijk werd het “Koetshuis” ontworpen als stal en garage voor de klanten van het luxerestaurant dat het Chinees Paviljoen moest worden. Maar dat kwam er nooit. Sinds de bouw ervan in 1907 werd voltooid, bleef dit bijgebouw zonder bestemming.
In 1990 werd, in samenspraak met de Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis, de beslissing genomen het “Koetshuis” te restaureren. Hetzelfde jaar werden de restauratiestudies aangevat.
Rond 1998 werd door de Regie der Gebouwen een project voor buitenrestauratie voorgesteld, gebaseerd op historische documenten en foto’s van weleer en ook elementen ontleend aan het Chinees Paviljoen. De werken begonnen op 1 september 1998. Zij werden voortgezet met een tweede fase van binnenrestauratie, nadat de musea hadden beslist er een museum voor Japanse Kunst in onder te brengen.
De eerste twee fasen van de renovatiewerken werden beëindigd in oktober 2003. In het gebouw moesten evenwel nog museale en veiligheidsvoorzieningen worden geïnstalleerd die noodzakelijk waren voor zijn nieuwe bestemming. In september 2005 werden de budgetten vrijgemaakt. De werken werden aangevat in oktober van dat jaar en voltooid op 18 maart 2006.
DE BUITENRESTAURATIE
Het omvangrijkste en belangrijkste deel van de buitenrestauratie had betrekking op het dak van het gebouw dat volledig gedemonteerd werd. De authentieke pannen uit keramiek werden gereinigd. Bij het hermonteren, werden zij eerst volgens afmeting gerangschikt. Gebroken pannen die onmogelijk opnieuw konden worden gelijmd, werden vervangen door exemplaren in epoxyhars.
De kroonlijsten werden vernieuwd. De ornamenten werden met zorg gerenoveerd. Op de gerestaureerde plankenvloer werd een isolatie met dampwering en een onderdakplaat aangebracht.
Het houtwerk, zowel binnen als buiten, en delen van het metselwerk waren zwaar beschadigd en aangetast door de huiszwam. Zij kregen dan ook een speciale behandeling of werden hersteld.
De gevels werden gereinigd volgens het procédé van lichte zandstraling. Waar het noodzakelijk was, werd het metselwerk opgevoegd. Het trottoir rond het gebouw werd verbreed.
Het buitenschrijnwerk (vensters, deuren en vooruitstekende sierelementen van het dak) werd hersteld waar mogelijk of op exact dezelfde wijze hermaakt; het werd eveneens opnieuw geschilderd. Er sneuvelden een groot aantal ruiten en zij werden vervangen.
Deze renovatie werd voltooid op 1 november 1999.
DE BINNENRESTAURATIE
Deze tweede fase begon op 5 november 2001 en werd voltooid op 4 oktober 2003, in samenwerking met de Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis ten einde te voldoen aan hun eisen op museaal vlak.
In de stallen en de strozolders, waarvan de plafonds ongeveer zes meter hoog waren, werd de dekplaat verlaagd tot op het niveau van de rest van de verdieping, met het doel bruikbare ruimtes te creëren. De balken van het gebinte werden versterkt.
In het centrale gedeelte werd het metselwerk gereinigd. Op de gelijkvloerse verdieping kwam een nieuwe bevloering in gepolijste blauwe hardsteen. Op de verdieping werd de vloer hersteld en waar nodig vervangen en behandeld met een product op basis van natuurlijke olie.
Het houtwerk was erg beschadigd en vele delen werden vervangen of hersteld. Al het houtwerk kreeg een speciale schimmelwerende behandeling.
Van bij het begin van de renovatie werd het gebouw, waarin oorspronkelijk geen verwarmingsinstallatie aanwezig was, zachtjes verwarmd om te vermijden dat het houtwerk zou barsten. Het verwarmingssysteem is tweevoudig. Het omvat stookolieconvectoren op de grond en aanvoergroepen aan het plafond.
Buiten wordt de veiligheid verzekerd met speciale camera’s. De bescherming van het interieur gebeurt door een systeem van inbraakdetectie.
DE INSTALLATIE VAN HET VASTE MEUBILAIR EN DE UITSTALKASTEN
De derde en laatste fase van de werken werd uitgevoerd van 21 oktober 2005 tot 18 maart 2006. De Regie der Gebouwen heeft hiervoor het vaste meubilair en de uitstalkasten geleverd en geplaatst.
Al de uitstalkasten zijn uitgerust met de meest recente technieken op het gebied van sluiting en verlichting. Zij hebben ook een verlichting met glasvezel of met LED-apparatuur.
TECHNISCHE FICHE
Fase 1 (buitenrestauratie)
Bouwheer Regie der Gebouwen
Periode september 1998 - november 1999
Ontwerper Regie der Gebouwen, Brusselse Buitendiensten 1
Studie hvac, elektriciteit, stabiliteit Regie der Gebouwen, Brusselse buitendiensten 1
Aannemers n.v. Peter Cox (hoofdaann)
Kostprijs 405.000 €
Fase 2 (binnenrestauratie)
Bouwheer Regie der Gebouwen
Periode november 2001 - oktober 2003
Ontwerper Regie der Gebouwen, Brusselse Buitendiensten 1
Studie hvac, elektriciteit, stabiliteit Regie der Gebouwen, Brusselse buitendiensten 1