De kantoren van het Justitiehuis te Brugge bevinden zich in een voormalig kloostergebouw van de Dominicanen, aan de Predikherenrei 3. De Regie der Gebouwen restaureerde en renoveerde dit uitzonderlijk pand. Functionele ruimten, een helder kleurenplaet, een laagdrempelige ontvangstruimte, een klassiek aangelegde tuin, … zorgen voor een aangename werkomgeving.
De geschiedenis van dit gebouwencomplex gaat terug tot de 13de eeuw, ten tijde van het dominicanenklooster. Hiervan getuigt nog de aanwezigheid van de pandgang die vandaag de belangrijkste circulatie-as is op het gelijkvloers.
In 1796, tijdens de Franse bezetting, werden de kloosters van de 4 bedelorden (dominicanen, augustijnen, franciscanen en karmelieten) opgeheven. Een deel van het dominicanenklooster te Brugge werd ter beschikking gesteld van de Franse Gendarmerie. Later werd het in gebruik genomen door de Belgische Rijkswacht, tot 1998.
In 1799 werden de kerk en overige kloostergebouwen openbaar verkocht. Een deel van het ingangsportaal van de kerk werd in 1995 geïntegreerd in het appartementsgebouw aan de Predikherenrei 1.
Het gebouw Predikherenrei 4 en het aanpalende Rode Kruisgebouw (Langestraat 34) zijn sinds 2001 beschermd als monument.
RESTAURATIE PANDGANG
Tijdens het gebruik door de Rijkswacht werd de pandgang ingericht met individuele kantoren. Sporadisch waren hier en daar de kruisribgewelven noch zichtbaar.
De restauratiedienst van de Regie der Gebouwen stelde een restauratiefilosofie op punt in samenwerking met de Erfgoedcel van de Vlaamse Gemeenschap en de dienst Monumentenzorg van de stad Brugge.
Deze filosofie hield het volgende in:
de plaatsing van metalen ramen met isolerende beglazing
een raamindeling gebaseerd op gelijkaardige gebouwen (zoals het Klooster der Karmelitessen te Gent)
gepleisterde kruisribgewelven
een vloer in natuursteen
een sobere afwerking met ingepleisterde ramen, witte muren en aangepaste verlichting
Met deze vakkundige herstelling, werd de indeling van het gelijkvloerse niveau totaal gewijzigd.
De binnenmuur van de pandgang bestaat uit rode Brugse moefen en dateert waarschijnlijk uit de 14de eeuw. Hij diende in zijn huidige staat bewaard te worden. Er mochten geen bijkomende deuropeningen worden gecreëerd noch tracees voor elektriciteitsleidingen worden aangebracht.
In de ramen van de pandgang werden diverse paneeltjes in glas in lood ingebracht. Het gaat om een kunstwerk van Beatrice Neetens uit Aalst en het versterkt het poëtische en serene karakter van de pandgang.
RENOVATIEWERKEN
De klassieke moeilijkheden bij de verbouwing van een oud pand waren ook hier aanwezig:
binnenmuren die na het afkappen van het pleisterwerk, onvoldoende stevig blijken te zijn
balklagen en daktimmerwerk dat aangetast is door insecten en zwammen
opstijgend vocht in de gelijkvloerse muren
een houten zoldervloer die brandveilig moet zijn
oud pleisterwerk dat verkruimelt
vloerverzakkingen op de verdiepingen
barsten in metselwerkbogen en gewelven
Voor de reiniging van de gevel aan de Predikherenrei werd de microneveltechniek gebruikt. De te reinigen vlakken worden onder zeer lage druk besproeid met een mengsel van water en fijn kristalkwarts. Daarna wordt de gevel behandeld met een waterafstotend product.
Op het gelijkvloers bevindt zich de onthaalbalie, een wachtzaal, gespreksruimtes, sanitair, een functionele keuken en een kleine vergaderzaal.
Op de eerste verdieping bevinden zich de individuele kantoren van de justitieassistenten en een grote vergaderzaal.
De zolderruimte wordt als archiefruimte gebruikt maar kan op termijn ook worden ingericht als kantoorruimte.
TUINAANLEG
De tuinarchitecte van de Regie der Gebouwen baseerde zich voor haar ontwerp op een tekening van Jan Beerblock uit 1796. De kloostertuin werd in zijn oorspronkelijke staat heraangelegd. Het plan van de tuin is asymmetrisch en verwijst hiermee naar de afmetingen van de oorspronkelijke tuin: het middelpunt van de huidige tuin ligt op het middelpunt van de oorspronkelijke tuin en geeft hiermee een goed idee van de grootte van de oorspronkelijke tuin.
Zoals een kloostertuin werd de tuin aangeplant met kruiden, vaste planten en lage buxushaagjes. Siergrassen creëeren diepte en doorbreken de strakheid van de massieven.
De oude regenwaterputten zijn terug functioneel, het water wordt gebruikt voor de spoeling van het sanitair, het besproeien van de tuin, …
TECHNISCHE FICHE
Eigenaar Belgische Staat
Opdrachtgever Regie der Gebouwen
Architect Regie der Gebouwen
Gebruiker FOD Justitie, Justitiehuis
Duur van de werken december 2005 – oktober 2007
Kostprijs der werken 1, 7 miljoen euro (incl. btw)